Aankondiging
van een videodocumentaire i.w. van Robert Jan Kelder
“Zem fâzan inz dornach”
Verkenningen en
bespiegelingen in het Graalgebied “Terre de salvaesche”
en anti-Graalgebiet “Schastel
marveil” van Wolfram von Eschenbach,
gebaseerd op het werk“Willem
van Oranje, Parzival en de Graal – Hoe
Wolfram von Eschenbachs
Graaloorden gevonden werden ” van Werner Greub.
Noot: Deze Middelhoogduitse hoofdtitel
van de videodocumentaire, waarvan de opnamen tussen 1 en 11 februari 2007 in
Zwitserland en Duitsland zijn gemaakt, is afkomstig uit het middeleeuwse
Graalverhaal van “Parzival” (versblok 287) van Wolfram von Eschenbach. Letterlijk
betekent het “Naar de fazanten in de doornstruik”. In de Nederlandse vertaling
van Loenard Beuger (Parzival, Zeist 1986) luidt de complete zin (op blz. 100):
“Men had hem best de doornstruiken in kunnen laten vliegen achter de fazanten
aan; wie hem snel weer wilde opzoeken, kon hem vinden door de belletjes, die
luid en helder klingelden.”
Deze scčne betreft een fraai
uitgedoste Arthurridder, waarover Werner Greub in het hoofdstuk “Schastel
marveil” van zijn bovengenoemde boek het volgende schrijft:[1]
“Wolfram zegt van Segramor ook
nog dat hij aan de belletjes, die hij aan het zadeltuig van zijn paard en zijn
uitrusting droeg, overal te horen was; zelfs als men hem naar de fazanten in de
doornstruiken zou gooien, zou men hem aan het belgeklingel kunnen vinden. De
vergelijking is niet helemaal overtuigend. Een man in het doornbos zou zich
niet meer zo vrij kunnen bewegen dat hij zijn bellen ten volle zou kunnen laten
klingelen. Wat zoekt Wolfram eigenlijk met zijn hinkende vergelijking? Heeft
hij daarmee op de plaatsnaam gezinspeeld waar het Segramorgevecht plaatsvond?
Het volgende is in ieder geval merkwaardig: In ‘t Middelhoogduits wordt een
doornstruik normaliter als “dornbusch” of “dornicht” aangeduid. Wolfram zegt
echter (P. 287:1): zem fâzan inz dornach.
„dornach“ voor
„dornicht“ is juist daarom zo opvallend, omdat Wolfram met dit woord “dornach”
precies de plaatsnaam uitspreekt waar het Segramorgevecht zich afspeelde: in de
buurt van Dornach [bij Bazel], bij de brug over de Birs van Dornachbrugg.
De naam van Dornach in het kanton
Solothurn heeft uiteraard betrekking op een doornbos [of doornhaag]. De
vergelijking met Dornicht (doornstruiken) ligt voor de hand. Wolfram gebruikt
hier echter niet het in zijn geboortestreek normale begrip “dornich”, maar het
begrip “dornach’ dat hier en in de nabije Elzas voor een doornig struikgewas
gebruikelijk was. Als Wolfram in deze passage niet de plaatsnaam in zijn
gedicht op een geheime wijze verweven heeft, dan verraadt hij op zijn minst
zijn verbluffende kennis van lokale dialecten. (…)
Deze intieme plaatselijke kennis wat
betreft dialectische eigenaardigheden kan Wolfram niet van Kyot hebben
gekregen, want deze sprak Frans. Wolfram moet deze locale kennis van zaken op
zijn pelgrimstochten naar de graaloorden verworven hebben.”
Deze videodocumentaire i.w. is de eerste in een geplande reeks pogingen om de
door Werner Greub (1909-1997) ontdekte graalgeografie in beeld te brengen.
(RJK, 25/04/2007)
[1] Deel I: “Willehalm-Kyot” van dit onderzoeksbericht werd
in 2002 uitgegeven door Willehalm Instituut en is na te lezen op de website www.willehalm.nl. Van deel 2 onder de titel
“Parzival”, waaruit het bovengenoemde citaat is genomen, is onlangs een
voorpublicatie verschijnen, die door €20 over te maken op rekening 5305422 van
het Willehalm Instituut te Amsterdam verkrijgbaar is.